Deze vijf boodschappen hebben we onthouden uit het inspiratie-event over gendergelijk(waardig)heid

Op 8 maart bracht ESF Vlaanderen mensen uit de artistieke-, bedrijfs- en onderwijswereld samen om van gedachten te wisselen over gendergelijkheid. Plaats van de ontmoeting was LABIOMISTA in Genk, de creatieve thuisplek van kunstenaar Koen Van Mechelen. Hij nam de deelnemers mee in zijn wereld op de snijlijn van kunst, gemeenschap en wetenschap. Een wereld waarin diversiteit en kruisbestuiving centraal staan.

Nathalie Bekx (CEO Trendhuis) maakte dankbaar gebruik van het inspirerend verhaal van Koen Van Mechelen om het paneldebat op gang te trekken over de samenwerking onderwijs-bedrijven en gender. De panelleden waren: Rudolf Werthen (CEO ArtLab), Stefan Perceval (artistiek leider theatergezelschap Het Gevolg), Françoise Chombar (voorzitter raad van bestuur Melexis), Yvan Lemmens (algemeen directeur Campus MAX) en Lon Holtzer (Vlaams Zorgambassadeur). We vatten de vijf belangrijkste boodschappen voor u samen.

 

Meisjes in STEM-richtingen

Om meer meisjes in STEM-richtingen te krijgen, moeten we meer nadruk leggen op het waarom. Waarom zou iemand kiezen voor deze richtingen? Meisjes blijken vaker geïnteresseerd in de maatschappelijke impact van STEM, wat je ermee kan doen voor mens en samenleving. Jongens daarentegen blijken vooral geïnteresseerd in het WAT: wat doet het? Hoe snel is het?

Waarom is het nodig om meer vrouwen in STEM-richtingen en -beroepen te krijgen of meer diversiteit te bereiken? Om een betere wereld voor iedereen te hebben. “Als je een wereld wil die werkt voor iedereen, moet je diversiteit hebben aan de oorsprong”, opperde een van de deelnemers.

Vrouwelijke voorbeelden

Vrouwelijke voorbeelden in de klas doen het zelfvertrouwen van meisjes stijgen Een kwartier in het gezelschap van een vrouwelijk rolmodel doorbrengen, heeft al een blijvend effect. Vrouwelijke voorbeelden worden best vanaf de lagere school voor de klas gezet.

Meer mannen in onderwijs en zorg

Het onderwijs is sterk vervrouwelijkt. Om meer mannen aan te trekken, is het noodzakelijk om de lerarenopleiding te hervormen. Zo zullen er niet enkel meer mannen instromen, maar kan ook het lerarentekort worden opgevangen. Daarnaast moeten we af van de perceptie dat het onderwijs een 'zachte sector' is. Door te spreken over 'hard' of 'zacht' zorgen we er mee voor dat er nog steeds stereotiepe keuzes worden gemaakt.

Ook in de zorgsector, waar overwegend vrouwelijk personeel werkt, zou er een betere mix van mannen en vrouwen moeten komen. Sleutelen aan de bestaande percepties over deze sector kan daaraan bijdragen. Zo biedt de zorgsector veel carrièremogelijkheden en brede paden (in tegenstelling tot het heerstende beeld van een vlakke carrière). De perceptie dat je lief of zorgend moet zijn om in deze sector aan de slag te gaan, klopt ook niet; de nood aan een grotere mix van profielen is hoog. Het beeld van de zorgsector moet gereframed worden.

Door binnen het onderwijs aan kruisbestuiving te doen (door de schotten tussen vakken te laten verdwijnen), kan aan gendergelijkheid worden gewerkt. Zo zouden leerkrachten in wiskunde voorbeelden kunnen gebruiken uit de zorgsector, zoals het berekenen van de snelheid van een druppelval.  Daarnaast moeten we werken aan de kruisbestuiving tussen onderwijs en bedrijven. Dat kan je realiseren door ‘hybride leerkrachten’ in te zetten, door gastlessen te laten verzorgen door bedrijven en door leerkrachten deeltijds naar bedrijven te laten gaan.

 

Elk kind individueel benaderen

Het zou interessanter zijn te werken met begintermen (elk kind als individu heeft een ander startpunt) in plaats van met eindtermen (gezamenlijke doelen waar we allemaal naartoe moeten). De panelleden pleiten daarom sterk voor een individuele benadering van leerlingen. Wat is het verhaal van elk kind? Wat zijn hun talenten, hun dromen? Hoe kunnen we elk kind de kans en de tijd geven zich te ontplooien? De matrix in het secundair onderwijs wordt door sommige panelleden gezien als een voorbeeld van hokjesdenken.

Onbewuste bias

De panelleden wijzen op het belang van de ‘bias’, de aannames en associaties die we onbewust maken over jongens en meisjes. Zo nemen we aan dat meisjes zorgend zijn en dus heel geschikt voor een job in de zorgsector, terwijl jongens wiskundig aangelegd zijn en dus voor de IT-sector kiezen. Het is heel belangrijk dat iedereen zich bewust is van de eigen ‘unconscious bias’: dit geldt voor leerkrachten maar ook voor recruiters, coaches, ouders; zelfs kinderen hebben al een bias!